Bouw van Molen de Hoop

Uit Toen Leidschendam-Voorburg
Ga naar:navigatie, zoeken
Handel en economie
RP-P-BI-7524.jpg
Portret van Christiaan Huygens, Gerard Edelinck, Jacques Antoine Friquet de Vauroze,
Adres De Wiek 19, 2265 VK Leidschendam
Lokatie 52.06306; 4.32202,4.32202
Jaartal {{{vanaf}}} - {{{tot}}}
Lees meer
Referentie Rijksmuseum
Categorie Object
ELV logo logo rgb-001.png

Jacob Kaper heeft in 1735 De Salamander verkocht aan zaagmolenaar Goosen van Dijck. In 1739 wil Goosen van Dijck voor zichzelf en zijn familie meer geld gaan verdienen en krijgt hij vergunning een tweede molen te bouwen.

In de vergunning staat dat hij de zaagmolen ook wil bouwen voor de inwoners van Veur en omliggende dorpen. Er is in die tijd een grote behoefte aan hout. Denk maar aan houten handels- en oorlogsschepen, huizen en natuurlijk molens. Dus komt er een tweede zaagmolen, molen De Hoop. In Veur staan ook enkele scheepsmakerijen, een zeilmakerij, een bierstekerij en een snuifmolen. Meneer van Dijck trouwt met Jannetje van den Berg en hertrouwt als weduwnaar later met Elisabeth van Spijk. Zij zijn in 1768 samen met haar zoon Martinus van Oorde uit haar eerste huwelijk de eigenaar. Het werk in de houtzagerij laat zij over aan haar zoon. Zij houdt zich meer bezig met de financiën. Ze is van goede afkomst en heeft veel geld.

Een bekend rijmpje uit die tijd:

De Hoop en De Salamander

Staan achter elkander.

Het Hert, zo je ziet,

Staat aan de overkant van de Vliet.