Petrus en Pauluskerk

Uit Toen Leidschendam-Voorburg
Versie door Marcel (Overleg | bijdragen) op 6 jul 2011 om 01:39

(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar:navigatie, zoeken

PETRUS EN PAULUSKERK

HH Petrus en Pauluskerk te Leidschendam



Ruzie over een schuilkerk te Veur en te Leidschendam

Als u nu in de Kerkstraat, de vroegere Kerkslop, te Leidschendam loopt zult u tevergeefs naar een schuurkerkje zoeken. Toch is die er ooit geweest en wel vanaf het jaar 1645. Op een zolder – in de volksmond: “daar in de bovenkerk”- werd alle zondagen een zogeheten ‘stille mis’ gelezen voor de gelovigen die woonden bij de Dam en het aansluitende gebied van Stompwijk, Wilsveen en de polder Tedingerbroek.

De tegenhanger van een ‘stille Mis’ was vanouds de Hoogmis. En die Hoogmis was er ook en wel in een zogeheten ‘schuurkerk’. Die stond dan weer halverwege de Vliet en de weg naar Voorschoten in de Rietvinkpolder ten zuiden van de Vaar- of Kerksloot. De Rietvinkpolder, bekend geworden als het tuinbouwgebied van Veur, vindt u ten zuiden van Schakenbosch tot aan de Zijde of Landscheiding (Damlaan). Maar waarom dan toch rivaliteit? Of domweg: ruzie?

De nieuwe Statiekerk, want een echte parochiekerk mocht het nog niet heten, stond halverwege de 19e eeuw, zo rond 1858, in de Damstraat en was gebouwd in de bekende Waterstaatsstijl, waarin toen alle kerken onder toezicht van ingenieurs van het Departement van Waterstaat werden gebouwd. Maar waarom nu toch die ruzies? Om een voorbeeld te noemen: in 1811 behoorden er bij de ‘schuurkerk’ in ‘Noord’ 442 communicanten en in het ‘schuilkerkje’ aan de Dam waren er –maar- welgeteld 263. Toch werd na veel teleurstellingen en star vastgehouden dwarsliggerij het pleit gewonnen door de aanhangers van het ‘schuilkerkje’ aan het Damslop.

In 1829 werd het te klein geworden kerkje vergroot en verbouwd en kreeg het de status van ‘Statie van de Heilige Apostelen Petrus en Paulus’. Hebben ze daarom wellicht gekozen voor die twee totaal verschillende apostelkarakters: Sint Petrus, die eerst Christus verloochende, die geen geleerde was. Petrus, de impulsieve, spontane en enthousiaste en daartegenover Sint Paulus, die “volgens de strenge opvattingen van de voorvaderlijke Wet” was opgevoed en toen eerst door de bliksem getroffen moest worden om als diepgelovige, orthodoxe Jood tot de ontdekking moest komen dat het christendom geen verderfelijke ketterij was, alvorens ook hij min of meer ‘Sint’ oftewel ‘heilig’ zou worden. Maar hoe dan ook, in 1831 werd het kerkje ingewijd. In 1858 werd de geloofsgemeenschap –vijf jaar na het Herstel van de Bisschoppelijke Hiërarchie’ in Nederland (1853)- een volwaardige parochie, toegewijd aan diezelfde apostelen.

In 1880 werd uiteindelijk de huidige veel grotere parochiekerk vlak naast de Dam gebouwd. Deze kerk beheerst nog steeds het straatbeeld ’rond en om de Leytsche Dam’. Vermeldenswaard is nog, dat ook deze kerk van dezelfde architect is als de kerk van de H.Martinus te Voorburg en de H. Bonifacius te Rijswijk: E.J. Margry, een leerling van de legendarische Kuijpers. En om nog even terug te komen op de ‘ruzies’ tussen Noord en Zuid: In de inventarislijst van de R.K. Statie en de parochie van de H.H. Petrus en Paulus in Leidschendam lezen we onder inventarisnummer 227: “Notulen, brieven, financiële overzichten en concepten betreffende de geschillen tussen die van de Leidschendam en die van Veur, afkomstig van de kerkmeester van Zuid, de kastelein Th. Van Leeuwen, 1796-1813. 1 pak. Wie weet wat er achter dit pak papier aan emoties schuil ging en wat kastelein Theo van Leeuwen allemaal te berde heeft gebracht over ‘die van de Leidschendam en die van Veur’? Misschien wel met diezelfde emoties als Petrus: emotioneel en impulsief of als Paulus: de orthodoxe gelovige en geleerde theoloog? Een strijd tussen de “Petrolanen”en de “Paulianen”? Wie zal het zeggen? Het is immers allemaal zo lang geleden, ruim anderhalve eeuw minstens! Maar wat overbleef kunnen we nog steeds bewonderen, dat kathedraalachtige gebouw, zo pittoresk gelegen aan de oevers van die al eeuwen stromende -al dan niet snelle- Vliet…

B.I.C. Dijkman