RKAVV

Uit Toen Leidschendam-Voorburg
Ga naar:navigatie, zoeken

RKAVV

RKAVV staat voor Rooms Katholieke Aloysius Voetbalvereniging. Het is een voetbalvereniging uit Leidschendam.

Op 1 juni 1921 werd op initiatief van dhr. J. Coomans, door kapelaan van Emmerik de vereniging opgericht met 30 leden die allen lid waren van het patronaat, men moet nu niet gaan denken dat dit een vorm van liefdadigheid of behulpzaamheid was. De bemoeienis van dhr. Coomans en vooral die van kapelaan van Emmerik was gericht op het in het gareel brengen van de “wilde voetballers”, een groep jongeren die op eigen houtje waren gaan voetballen. Voetbal werd in die tijd nog niet als iets positiefs beschouwd. Als het niet tegengehouden kon worden, was het beter om het toe te staan, maar dan wel onder het toezicht en de regels vanuit de rooms-katholieke gedachten en normen.

Het bestuur van de startende RKAVV bestond uit voorzitter J. Coomans, secretaris W. Bleijs, penningmeester A. van Rijn en de commissarissen A. Starrenburg en J. de Bree. In november 1921 werd bepaald dat ook leden van de Mariacongregatie lid mochten worden van de vereniging. Door deze uitbreiding van het ledenbestand ontstonden blijkbaar problemen (volgens het 40-jarig jubileum nummer van RKAVV), aanleiding voor de ledenvergadering om de vereniging op te heffen, en onmiddellijk een nieuwe op te richten. Hoewel in de statuten 10 januari 1922 als oprichtingsdatum is vermeld, werd de vereniging 2 dagen daarvoor opgericht.

Na vele wisselingen van terrein werd er in 1947 weer verhuisd. Voor de daaropvolgende 18 jaar betrok de vereniging een terrein dat wederom aan de Ruijsdaellaan was gesitueerd. Doordat de vereniging hier een geruime tijd was gehuisvest kon het bestuur in de loop der jaren ook meer voorzieningen dan tevoren treffen zoals een clubhuis met kleedgelegenheid en zelfs een gedeeltelijk overdekte tribune. Die waaide enige keren om in hevige stormen en belande eenmaal in een sloot.

In 1962 werd duidelijk dat RKAVV weer een andere locatie moest zoeken wegens de uitbreiding van de gemeente Leidschendam. Deze keer kon RKAVV echter niet zelf bepalen waar men heen ging. In 1965 vestigde RKAVV zich op het sportcomplex “De Heuvel” aan de (verlengde) Heuvelweg. Dit sportcomplex in Leidschendam-Noord moest echter wel gedeeld worden. Er werd ook gehandbald door EHC, gekorfbald door Sportlust ’64 en gevoetbald; en wel door SEV op de zaterdag en RKAVV op de zondag. Na veel activiteiten tot fondsenwerving, en met steun van de gemeente en natuurlijk de hulp en van de supporters en leden kon in 1968 een gloednieuw clubhuis door burgemeester Kolfschoten geopend worden.

In 1988 kwam echter het nieuws dat de Gemeente Leidschendam van plan was de grond van het sportpark te verkopen. Weer moest RKAVV onvrijwillig verhuizen. Er volgde een hevige discussie tussen de gemeente Leidschendam en het bestuur van RKAVV. Het bestuur wilde de voetbalvereniging verplaatsen naar een aan te leggen sportterrein tussen de Middenweg en de Kostverlorenweg bij het Forepark. Volgens de gemeente Leidschendam kon dit niet en moest RKAVV met SEV meeverhuizen naar een nieuw te bouwen sportcomplex aan de Tuinenlaan bij de Kastelenring. Dit vonden de leden van RKAVV weer een te geïsoleerde locatie. Na veel heen en weer gepraat en een dreiging van het RKAVV bestuur om af te treden werd in de tweede helft van 1989 een compromis gesloten. RKAVV zou met SEV verhuizen naar het complex bij de Kastelenring, waar de vereniging één of twee jaar zou blijven voordat ze naar de Middenweg kon verhuizen. Ten tijde van de verhuizing in september 1991 was de tijdelijke verblijfsduur al verlengd naar 5 jaar. Toch redelijk gelukkig met de nieuwe accommodatie legde de vereniging de zaak even naast zich neer en ging verder met de dagelijkse gang van zaken. Uiteindelijk bleef RKAVV op de Kastelenring.

Op 1 september 1992 brandde het nieuwe clubhuis totaal uit door een blikseminslag. Midden mei 1993 kon de vereniging het ter vervanging neergezette noodgebouw verlaten en zich weer vestigen in een herbouwd clubhuis.